Het was een bewolkte woensdagavond. De regen kwam met bakken uit de hemel en af en toe werden de druppels verlicht door de bliksem. Twijfelend keek Anja uit het raam. Ze hoefde niet de deur uit, maar de drang om haar benen te strekken was groot. Ze bewoog wat heen en weer op de bank, nam de laatste slok wodka. Zonder drank en sigaretten zou Anja slecht de avond doorkomen. Ze stond op en liep de richting de hal. Pakte haar sleutels uit het mandje. Sloeg haar regenjas over haar schouders. Ze vroeg zich af of ze een paraplu mee zou nemen met de harde wind, maar besloot het toch te laten.
De deur vloog open toen de wind er grip op kreeg. Ze moest kracht zetten om hem dicht te krijgen, niet wetend dat het de laatste keer was dat ze deze deur dicht zou doen. Anja boog haar hoofd naar beneden. De koude oktoberregen was hard en koud. Op een drafje liep ze naar het zebrapad. Door de regen was alles mistig en ze zag de koplampen veel te laat. Luid toeterend kwam de auto aanrijden en hij week net op tijd uit. Met haar hart in haar keel liep Anja verder, tot dat ze bij de avondwinkel was.
Het was niet druk toen ze binnenstapte. Een aantal jongeren hingen aan de toonbank, kletste wat met de verkoper. Blindelings wist ze de weg te vinden naar haar wodka en rekende deze samen met een pakje Lucky Strike af. Ze bleef nog even op de drempel van de avondwinkel staan. Anja vroeg zich af of ze beter even kon wachten tot de regen wat minder werd. Na vijf minuten leek het alleen maar harder te gaan regenen, dus besloot ze toch maar te gaan.
Ze ging harder lopen toen het echt hard ging regenen en boog haar hoofd dieper in haar capuchon. Dit keer zag ze weer de auto niet aankomen bij de oversteekplaats. De lampen van de auto waren uit en de zwarte kleur was niet te onderscheiden. Anja voelde hoe ze werd geschept door de auto en door de lucht werd geslingerd. Piepende autobanden was het laatste wat ze hoorde, voordat alles zwart werd.
Het personeelsfeest was een groot succes geweest. Hij had Natalie eindelijk zo ver gekregen om een keer wat met hem te gaan eten. Hij had haar wel een paar drankjes aan moeten bieden en toen de alcohol insloeg, zei ze giechelend ja. Triomfantelijk dacht hij hier aan terug, maar John wist dat hij zijn aandacht goed bij op de weg moest houden. De regen kwam nog steeds met bakken uit de hemel vallen en het zicht was ontzettend slecht. Zijn snelheid en de alcohol in zijn bloed maakte de situatie er niet veel beter op. Gelukkig was het al laat en John verwachtte niemand onderweg tegen te komen.
Nogmaals gingen zijn gedachten naar Natalie. De bleke huid met de felblauwe ogen. Licht oranje haar dat op haar dunne schouders viel. Haar gezicht perfect symmetrisch. Ja, zo'n vrouw was helemaal zijn type. John zette de muziek aan en 'Mumford and Sons' schalde door zijn speakers. Hij begon luidkeels mee te zingen en sloeg met zijn polsen op het stuur. Hierdoor reed hij niet meer recht, maar dat kon hem niet zo veel schelen. Hij nam de afrit van de snelweg en moest zijn snelheid snel minderen zodat hij niet in de vangrail zou belanden.
Bij het stoplicht onderaan de afrit, begon hij ongeduldig met zijn vingers op het stuur te roffelen. John begreep niet waarom de stoplichten nog aanstonden. Zijn verstand zei dat hij moest wachten, maar zijn voet hing ongeduldig boven het gaspedaal. Na nog een kijken schakelde hij naar de eerste versnelling en trok op. Het licht stond nog steeds op rood. Snel reed hij over het kruispunt, voor het geval er toch nog iemand aan zou komen.
Een luide klap op de motorkap zorgde er voor dat hij in een slip raakte. John had geen flauw idee wat hij had geraakt en toen hij in zijn achteruitkijkspiegel keek, zag hij niets door de regen. De motor bromde gestaag door terwijl John uit zijn auto stapte om te zien wat hij had geraakt. Met een boogje liep hij om de auto. Nog steeds zag hij niets dat hij geraakt kon hebben. Twijfelend stapte hij weer terug in de auto. Het begon nog harder te regenen en hij had geen zin om tot op zijn onderbroek nat te worden. Nog een laatste keer keek John in zijn achteruitkijkspiegel. Toen hij nog steeds niets zag, trok hij weer op en vervolgde zijn weg naar huis.
Reacties